Precair karwei in Arnhem, Fase 2

Dat het 19e eeuwse gebouw van de Arnhemse Korenbeurs is gesitueerd op historische grond is al langer bekend. Nu het pand ingrijpend wordt verbouwd en wordt voorzien van een kelderverdieping, krijgen de archeologen volop gelegenheid in de bodem op zoek te gaan naar sporen van het verleden.

Om dat mogelijk te maken vindt het uitgraven van de kelder gefaseerd plaats: in eerste instantie wordt afgegraven tot ‘archeologische diepte’, dat wil zeggen tot ruim 1500 mm meter onder het maaiveld. Als de archeologen (het zijn er meer) tevreden zijn en hun bodemvondsten veilig hebben gesteld, dan gaat de afgraving verder tot 3000 mm onder het maaiveld.

Het voorzichtig afgraven leverde met name op het gebied van aardewerk een behoorlijk resultaat op. Van elke vondst wordt eerst de locatie nauwkeurig bepaald voordat het voorwerp wordt uit gegraven en – om uitdroging te voorkomen – in een emmer bewaard.

De bodem leverde behalve aardewerk nog een kapitale verrassing op: een gemetselde put waarvan het bestaan onbekend was.

Stempelen

Als de archeologische vondsten zijn veilig gesteld, wordt het uitgraven van de kelder voortgezet. Om de met waterglas gestabiliseerde zandwanden onder de fundering ondersteuning te bieden en de veiligheid te waarborgen zijn deze voorzien van horizontale stempels.

Zodra de bouwput op diepte is uitgegraven worden de keldervloer en -wanden gerealiseerd. Ook dat onderdeel van het werk neemt Soil-ID voor zijn rekening.

©2020 Soil-ID Disclaimer Webdesign door Webton